Vorming van harde en zachte keutels Konijn

De vorming van harde en zachte ontlasting

1.1.1 Caecotrofen

Caecotrofen zijn pakketjes zachte keutels met micro-organismen en hun verteringsproducten. Dit zijn aminozuren, vluchtige vetzuren en vitaminen. Ze zijn omgeven door een gelatineus en glanzend slijmlaagje, dat ze beschermt tegen de lage pH van de maag. Ze blijven 6-8 uur in de fundus van de maag liggen; in deze periode vindt een forse groei van het aantal micro-organismen plaats.

In de caecotrofen vindt een geheel eigen omzetting plaats, parallel aan de gewone verteringsprocessen in de maag.

De micro-organismen produceren amylase, wat glucose omzet in CO2 en lactaat. Bacteriële celwanden worden afgebroken door lysozyme, dat in de dikke darm al aan de pakketjes is toegevoegd.

                         

Afb 1.1 Caecotrofe                                      Afb 1.2 Harde keutels

NB: bij konijnen die niet krachtig op hun achterhand staan, of die door pijnklachten niet bij hun anus kunnen, plakken deze caecotrofen aan de haren rond de anus en onder de staart. Vaak wordt dit, ten onrechte, aangezien voor diarree.

1.7.2.2. De fusus coli

Deze structuur is uniek voor het konijn en bevindt zich tussen het proximale – en het distale deel van het colon.

De fusus coli is 4-5 cm lang en heeft geen taeniae, maar een dikke musculaire wand, die veel clusters van ganglia bevat (Lit. 3).

Het is een soort pacemaker voor de peristaltiekgolf van de taeniae en haustrae van het proximale en distale colon. Zo wordt de scheiding van verteerbaar – en niet-verteerbaar materiaal gereguleerd.


De fusus coli is sterk geïnnerveerd door het sympathische zenuwstelsel en zeer goed doorbloed (A. mesenterica cranialis). Het functioneren van de fusus staat ook onder invloed van de hormonen aldosteron en prostaglandine.

Aldosteron wordt geproduceerd in de in de zona glomerulosa van de bijnier, en geïnactiveerd in de lever. Water en Na+ worden onttrokken aan de inhoud (Lit. 32) van de fusus coli en het distale colon. Aldosteronspiegels zijn hoog gedurende de fase van harde keutels

Prostaglandine is een weefselhormoon wat op lovaal niveau betrokken is bij de vasodilatatie en vasoconstrictie. Prostaglandine zorgt voor een afname van de motiliteit van het proximale colon en de spiegel is hoog tijdens de vorming van de caecotrofen (Lit. 12). De mechanismen die zorgen voor de vorming van de verschillende soorten keutels, worden toegelicht in 1.8.

1.8 De productie van harde en zachte keutels

De vorming van harde keutels (afval en ballast) en zachte keutels (waardevolle voedingsstoffen) wisselen elkaar af in een vast dagritme, een circadiaans ritme (zie hoofdstuk 7).

1.8.1 Harde keutels

De vorming van harde keutels vindt plaats in de loop van de dag. Als het konijn tegen de avond boven de grond komt, kunnen deze keutels massaal worden geloosd, tot wel 150 stuks. Ook tijdens het vluchten kan dit, ten behoeve van het overboord gooien van de ballast. Het poepen van harde keutels valt samen met het belangrijkste eetmoment van de dag. Konijnen hebben dan ook graag hun toilet/poephoek naast hun etensbak.

De ileocaecale klep staat open en voedsel uit de dunne darm wordt intensief gemixt door contracties van het caecum en colon. Er wordt veel water aan toegevoegd. Tijdens het mengen worden grotere en kleinere voedseldeeltjes gescheiden. De grotere, onverteerbare deeltjes worden rechtstreeks richting de fusus coli getransporteerd, de kleinere deeltjes, de waardevolle voedingsstoffen, worden via de haustra terug naar het caecum gepompt. In de fusus coli wordt het water krachtig uit de vezels geperst. Wat overblijft zijn de droge vezelballetjes, die zich verzamelen in het distale colon. Het vrijgekomen water met elektrolyten wordt hier door de wand weer opgenomen.

1.8.2 Zachte keutels, caecotrofen

Caecotrofen worden gevormd in perioden van rust en ongeveer 4 uur na het eten. Aan het eind van de avond gaat het konijn weer onder de grond om te rusten.

In de rustfase sluit de ileocaecale klep en neemt de motiliteit van het caecum en het proximale colon af. De contracties van de haustrae vallen stil. Het caecum contraheert en de inhoud wordt getransporteerd richting de fusus coli. De samentrekkingen van de fusus coli zijn nu soepeler en het water blijft in de darminhoud. Er is lysozyme toegevoegd wat zorgt voor de afbraak van de celwand van bacteriën. Slijmbekercellen in de fusus coli voorzien de pakketjes van een gelatineus kapsel, waardoor ze langere tijd beschermd zijn tegen de inwerking van maagzuur.

Mechanoreceptoren in het rectum, de speciale geur van de caecotrofen en bloedspiegels van nutriënten zorgen ervoor dat het konijn weet wanneer er caecotrofen zijn.

In tijden van voedselschaarste worden de caecotrofen allemaal opgegeten en anders maar gedeeltelijk: bij een vezelrijk dieet de meeste en bij een eiwitrijk dieet de minste. Een overmaat aan beschikbaar voedsel dat rijk is aan koolhydraten en eiwitten (en de meeste commerciële voeders behoren hiertoe), kan leiden tot een tekort aan waardevolle voedingsstoffen en een plakkerige klont ontlasting aan de haren rond de anus.

Naschrift: De volledige thesis is geen materiaal voor de doorsnee konijnenhouder. Ben je echter professional (dierenarts, osteopaat, fokker) en heb je interesse in een hardcopy van de volledige thesis dan kun je me hier contacteren.